Werkboeken en handleidingen
van Taal in Blokjes
Werkboeken en handleidingen 1 t/m 10
Taal in Blokjes heeft 10 werkboeken in opklimmende moeilijkheidsgraad. De serie werkboeken start met de klank-teken koppeling en de mkm-woorden en gaandeweg komen de langere woorden met alle belangrijke taalregels aan bod t/m de leenwoordspelling.
De werkboeken zijn bedoeld voor zelfstandig gebruik door de leerling (individueel, in een groepje of in de klas). Elke bladzijde bevat een gekleurd voorbeeld waardoor de leerling snel ziet wat de bedoeling is en zelfstandig kan werken. Zo wordt ook de instructie door de leerkracht tot een minimum beperkt.
Hieronder staat een overzichtstabel met de beschrijving van inhoud van de werkboeken. De leerstof is cumulatief: alles wat in een eerder werkboek is aangeboden, komt terug in een volgend werkboek en wordt verder uitgediept.
Naast de werkboeken werkt de leerling ook met de software en andere materialen van Taal in Blokjes. De basiswerkvormen van Taal in Blokjes zoals woorden coderen en woorden bouwen met de klankblokken komen terug in de werkboeken en de handleiding/oefenmappen van Taal in Blokjes.
Alle werkboeken hebben een bijbehorende handleiding/oefenmap met daarin de nakijkvoorbeelden van de werkboeken, uitleg, auditieve oefeningen en extra werkvormen voor de extra begeleiding van de leerling(en). De extra oefeningen zijn gekoppeld aan de bladzijdes die de leerling in zijn werkboek heeft gemaakt.
Werkboek Voorlopertje
Naast de werkboeken 1 t/m 10 met bijbehorende handleidingen, heeft Taal in Blokjes ook nog het werkboek ‘Voorlopertje’. Het werkboek Voorlopertje hoort bij de serie Voorlopertje en kan worden ingezet vanaf de tweede helft van groep 2 en in groep 3. En ook bij leerlingen die de Nederlandse taal moeten leren. De serie Voorlopertje heeft een eigen poster en klank-teken kaartjes.
Inhoud van de werkboeken en handleidingen 1-10
Handleidingen/oefenmappen
Elk werkboek heeft een handleiding/oefenmap. In deze map staan de nakijkvoorbeelden van de bladzijdes uit het werkboek zodat de gemaakte opdrachten snel kunnen worden nagekeken. Daarnaast bevatten de mappen uitleg, extra oefeningen, auditieve werkvormen en aanvullende werkbladen. De oefeningen in de handleiding/oefenmappen zijn bedoeld voor de leerlingen die extra begeleiding nodig hebben door de leerkracht of taalspecialist. Denk hierbij aan ondersteuningsniveau 3 en aan begeleiding door de leerkracht, taalspecialist en logopedist. Begeleiding is maatwerk. De begeleider kiest telkens een aantal oefeningen uit de handleiding/oefenmap.
De extra oefeningen die in de handleidingen staan, zijn gekoppeld aan de bladzijdes van de werkboeken. Vanuit de bladzijdes die de leerling heeft gemaakt (of een groepje leerlingen) kan de leerkracht of taalspecialist snel een keuze maken uit de extra oefeningen uit de de handleiding/oefenmap. Op deze manier sluiten de extra oefeningen goed aan bij de opdrachten die de leerling in zijn werkboek heeft gemaakt. Ook krijg je zo een goede spreiding van de verschillende soorten oefeningen en de leerling krijgt voldoende afwisseling.
De werkboeken hebben klank- en regelkaarten
voor elk werkboek
Bij alle werkboeken zit een set klankkaarten en/of regelkaarten (zie de voorbeelden hieronder).
Bij de werkboeken 1 t/m 5 horen klankkaarten in opklimmende moeilijkheidsgraad. De klankenset wordt telkens uitgebreid met nieuwe klanken.
Bij werkboek 6 hoort klankkaart 6 met alle klanken en een overzichtskaart met de stomme klinker stukjes.
Bij werkboek 7 hoort klankkaart 6 en een overzichtskaart met de klankverkleuringen op r en l (eer/oor/eur, eel/ool/eul en ‘berg’en ‘help’ woorden.
In werkboek 8 heb je een kaart met de regel voor de lange klinkers en een kaart met de regel voor de korte klinkers.
In werkboek 9 heb je een kaart met de regel voor de ch/g.
In werkboek 10 heb je een kaart met de regel voor de f/v en een kaart met de regel voor de s/z.
Basiskaart A5 TiB Werkboek 1+2
Basiskaart A5 TiB Werkboek 3+4
Basiskaart A5 TiB Werkboek 5
Basiskaart A5 TiB Werkboek 6 & hoger
Stomme klinkers kaart 1 TiB Werkboek 6
Klankverkleuringen kaart 1 TiB Werkboek 7
Lange klinker regel kaart TiB Werkboek 8
Korte klinker regel kaart TiB Werkboek 8
Poster, Klank-teken kaartjes en Letterlijn
Combineer de werkboeken met de bijbehorende poster en klank-teken kaartjes!
We hebben twee posters met de letters (klanken) voor in de klas of praktijk met bijbehorende klank-teken kaartjes en letterlijn.
Poster van de klanken met kapstokwoorden en foto's (lijst niet inbegrepen)
Poster van de klanken op de klankkaart
Hang de Letterlijn op in de klas aan een koord en koppel de kaarten aan de letters van je taalmethode. Je kan de letterlijn telkens uitbreiden met de nieuwe letters die de leerlingen leren. Ook kan je deze kaarten gebruiken bij het uitleggen, bijvoorbeeld om te laten zien hoe je een woord schrijft.
Werkboek Voorlopertje Taal in Blokjes
Het werkboek Voorlopertje Taal in Blokjes is een stap voor stap kennismaking met de letters en de eerste woordjes. Elke letter wordt aangeboden met een kapstokwoord en een foto als ondersteuning. Bij elke opdracht komen alle klanken met de bijbehorende kapstokwoorden en foto’s weer aan bod.
Het leren van de klank-teken koppeling wordt geoefend met het kapstokwoord, de foto, de vaste kleuren voor klanken en met het bouwen van woorden met de klankblokken. Op deze wijze wordt het leren van de letters op alle mogelijke manieren ondersteund.
Door het gebruik van vaste kleurafspraken voor de letters (klanken) wordt de klank-teken koppeling versterkt en worden de letters gelijk ingedeeld in korte klinkers, lange klinkers, twee-teken klinkers en medeklinkers. Daardoor begrijpt de leerling beter hoe woorden in elkaar zitten en leert de leerling letters samenvoegen tot woorden.
Door het bouwen van woorden met de klankblokken ontwikkelt de leerling begrip van het geschreven woord, terwijl hij zelf nog geen letters op hoeft te schrijven.
Met het werkboek Voorlopertje kan de leerling op een aantrekkelijke manier zelfstandig oefenen met alle basisletters en de eerste woorden. Het zelf schrijven van letters mag maar is niet noodzakelijk. Ga na dit werkboek verder met de werkboeken Taal in Blokjes.
Combineer het werkboek Voorlopertje met de bijbehorende klank-teken kaartjes en letterlijn.
Het werkboek Voorlopertje hoort bij de serie Voorlopertje en kan worden ingezet als voorschotbenadering vanaf de tweede helft van groep 2, als extra ondersteuning in groep 3 en bijvoorbeeld ook bij leerlingen met een TOS en bij leerlingen die de Nederlandse taal moeten leren. De serie Voorlopertje heeft een eigen poster en klank-teken kaartjes.
Het werkboek Voorlopertje Taal in Blokjes kan los of in combinatie met een taalmethode worden aangeboden.
Lees hier hoe je het het werkboek Voorlopertje kan inzetten bij de voorschotbenadering.
Zie ook onderstaande FAQ vraag:
De serie het Voorlopertje bestaat uit een werkboekje, een poster, klank-teken kaartjes en een letterlijn.
Het Voorlopertje wordt gebruikt in groep 2 en groep 3 basisonderwijs, bij kinderen met een TOS en binnen het speciaal onderwijs.

Voor wie is het werkboek Voorlopertje?
- voor leerlingen in de 2e helft van groep 2
- voor leerlingen in groep 2 die al heel veel willen weten over letters en extra willen oefenen
- voor leerlingen aan het begin groep 3, bijvoorbeeld bij gesignaleerde 'risico' leerlingen
- voor leerlingen in groep 3 die uitvallen bij de wintersignalering
- voor leerlingen die vastlopen met de reguliere taalmethode in groep 3 en waarbij werkboek 1 nog te lastig is
- voor leerlingen die heel veel herhaling extra oefenmateriaal nodig hebben om de beginselen van de schriftelijke taal te leren.
- voor leerlingen met een TOS
- voor anderstaligen die beginnen met het leren van het Nederlands.
Hoe is het werkboek Voorlopertje opgezet?
Het Voorlopertje wordt gebruikt vóór werkboek 1.
De werkboeken van Taal in Blokjes zijn voor zelfstandige verwerking. Gebruik na het werkboek Voorlopertje werkboek 1 en 2 van Taal in Blokjes met de bijbehorende handleiding/oefenmap voor de begeleiding en de extra (auditieve) oefeningen.
Het werkboekje Voorlopertje kan meer of minder intensief worden aangeboden afhankelijk van het leerdoel.
In het werkboekje wordt geoefend met de de kennismaking en herkenning van de verschillende soorten letters (klanken) in woorden van de basis klankkaart. De leerling krijgt zo een overzicht van "het taalgereedschap". Dit is de basis voor het verdiepen van de verschillende letters met extra oefeningen.
Een volledige letterkennis is niet vereist om met het boekje te beginnen. Laagdrempelig kan er -bijvoorbeeld in de 2e helft van groep 2-
aan een kennismaking met de letters worden gewerkt, aan de klank-teken koppeling en aan het overzicht van klinkers en medeklinkers. Naast het werkboekje kunnen telkens een paar letters(klanken) uitgelicht en extra geoefend worden met aanvullende werkvormen.
Instructie: elke opdracht bevat een kleurenvoorbeeld dat precies laat zien wat de leerlingen moeten doen. Daarmee kunnen
de meeste leerlingen zelfstandig de opdrachten maken, ook van "moeilijke"letters of van letters die nog niet "officieel" zijn aangeboden.
Gaandeweg kunnen bepaalde letters (klanken) uitgelicht en benadrukt worden.De rest van de letterset 'hobbelt' rustig mee op een lager pitje.

Werkboek Voorlopertje meer of minder intensief aanbieden?
Het Voorlopertje wordt meer of minder intensief aangeboden, afhankelijk van het leerdoel en de mogelijkheden.
In groep 2 kan het Voorlopertje bijvoorbeeld worden gebruikt als kennismaking met alle (eenvoudige) letters. Het werkboek is een soort 'baseline' waarbij telkens een paar letters worden uitgelicht voor intensieve (auditieve) oefeningen zoals woorden hakken en plakken, blokjes op de juiste klanken leggen, kleine woordjes bouwen met de blokjes, klanken sorteren etc.)
Van de auteur: "ik vind dat leerlingen een eenvoudige complete set letters moeten hebben om mee te werken en om te begrijpen hoe taal
in elkaar zit. Anders ontbreekt het overzicht en kan het aantal letters oneindig lijken. Alle letters van het meest eenvoudige klankenbord (TIB 1 +2) worden in het werkboekje tegelijk "in de week gezet" . Ter kennisgeving staan de overige letters aan het einde van het boekje (sch, ng, nk, aai, ooi, oei etc.). De leerkracht kan vervolgens -afhankelijk van de op school gevolgde methode- dié letters benadrukken met extra oefeningen en met herhaling die binnen de les aan de orde komen."
Voorbeelden van gebruik
Minder intensief:
zelfstandig in de klas of thuis in het boekje werken en klank-teken koppeling oefenen met de bijbehorende klank-teken kaartjes.
Meer intensief: zelfstandig in de klas in het boekje werken, extra oefenen met bepaalde klanken, klank-teken koppeling oefenen met de bijbehorende klank-teken kaartjes, woorden bouwen met de klankblokken, woorden hardop lezen, woorden hakken en plakken, springpleinen, klanken sorteren, klankenbingo, woorden uit het boekje overschrijven of opschrijven (eerst visueel dictee daarna auditief dictee).

Groep 3
Begin gelijk in groep 3 bij de risicoleerlingen van groep 2. Verder na de wintersignalering in groep 3 bij de leerlingen
die vastlopen met de reguliere methode (bijv. VLL) en waarbij werkboek 1 van Taal in Blokjes nog te moeilijk is en/of
bij leerlingen die heel veel herhaling extra oefenmateriaal nodig hebben om de beginselen van de schriftelijke taal te leren.
Ga na het Voorlopertje door met het werkboek 1 van Taal in Blokjes en met werkboek 2 (stof t/m kern 6 van VLL
maar dan veel langzamer opgebouwd).
Probeer bij de leerlingen die vastgelopen zijn om weer aansluiting te vinden bij VLL.
Het werkboekje Voorlopertje kan met instructie ook meegegeven worden aan ouders geven als huiswerk of om in de vakantie te oefenen (om te voorkomen dat alle letters na de vakantie "weggezakt"zijn).
Ervaringen van een leerkracht met het Voorlopertje.
Met groep 2 en 3 ben ik de afgelopen periode met het Voorlopertje bezig geweest.
In groep 2 heb ik het werkboekje met extra hulp aangeboden aan een paar leerlingen waarvan ik dacht dat zij het heel moeilijk zouden krijgen met het leren van de letters in groep 3. Ook heb ik het werkboekje aangeboden aan een aantal kinderen die al toe zijn
aan geletterdheid. Deze kinderen lopen al best zelfstandig het boekje door. Dit gaat ze goed af. Ze zijn erg nieuwsgierig en werken met veel plezier in het werkboekje. Voor de kinderen die nog wat moeite hebben is het herkennen van de letters met de bijbehorende kleuren vaak nog een zoekopdracht: welke kleur heeft deze letter?
Ze zoeken de letter op de letterkaart. Dan benoem ik de klank. Ik vraag dan bijvoorbeeld of deze lang of kort klinkt.
In groep 3 hebben we het werkboek aan de kinderen gegeven die nog moeite hadden met de leesontwikkeling.
Als ze eenmaal weten hoe de opdrachten gemaakt kunnen worden lopen ze hier snel en goed doorheen.
Het is een mooie aanvulling op ons remediërend materiaal. Ook worden de kinderen zich nogmaals bewust van de kleuren die bij de klanken horen. Hierna gaan we verder met werkboek 1 van Taal in Blokjes naast Veilig Leren Lezen.
Ik hoop dat ze door extra oefening en de stevige basis na de Kerst gewoon mee kunnen komen met Veilig Leren Lezen.
Tip 1: Hang de bijbehorende poster van de serie Voorlopertje op in de klas.
Tip 2: Bied de gele blokjes (aa,ee,oo,uu) en de rode blokjes (ei,oe,ui…) in het begin en in groep 2 aan met twee blokjes aan elkaar. Dit is om te benadrukken dat het om één klank gaat die met twee letters wordt geschreven. Doe een plakbandje om de twee gele of rode blokjes.
Tip 3: Gebruik de letters van de Letterlijn als grote klank-teken kaartjes, gebruik deze voor spelletjes, sorteeroefeningen en om woorden te maken. Geef bijvoorbeeld elke leerling een letter, roep een woord en vraag of de leerlingen samen dat woord kunnen vormen.
Tip 4: Gebruik het spel Klankenbingo bij de serie het Voorlopertje. Met het spel Klankenbingo kunnen leerlingen in de klas of in een groepje met elkaar, op een speelse en intensieve manier, oefenen met de klank-teken koppeling en de eerste woordjes.
Je kan Klankenbingo gebruiken bij de werkboeken van Taal in Blokjes deel 1 en 2 (en 3).
Bestellen
Meer weten?
Over de werkboeken
De werkboeken zijn gemaakt voor zelfstandige verwerking en dienen ook als basis voor de andere werkvormen van Taal in Blokjes. Je kan de werkboeken van Taal in Blokjes onder andere gebruiken voor: Je kan ook: Zie ook: Taal in Blokjes heeft werkboeken voor de leerling en handleiding/oefenmappen voor de leerkracht/begeleider. De werkboeken zijn voor zelfstandig gebruik individueel, in een groepje of in de klas. Elke bladzijde bevat een voorbeeld in kleur waardoor de leerling snel ziet wat de bedoeling is en zelfstandig kan werken. Zo kan de instructie door de leerkracht tot een minimum worden beperkt. De opzet werkboek Taal in Blokjes met bijbehorende handleiding/oefenmap maakt het mogelijk om een deel van Taal in Blokjes zelfstandig te oefenen en om de extra oefeningen met de leerkracht/ begeleider te doen. De handleiding/oefenmappen bevatten nakijkvoorbeelden, uitleg, auditieve opdrachten en extra oefeningen. De oefeningen en werkvormen kunnen individueel of in groepjes worden gedaan onder begeleiding van een leerkracht, remedial teacher, leesspecialist of logopedist. De werkvormen en oefeningen uit de handleiding/oefenmappen zijn in niveau en moeilijkheidsgraad afgestemd op de bladzijdes van de werkboeken. De werkvormen en oefeningen uit de handleiding/oefenmap kunnen ook voor de hele klas worden gebruikt. Er zitten veel interactieve werkvormen in waarbij leerlingen elkaar kunnen helpen en van elkaar kunnen leren. In welk werkboek kan je het beste beginnen? In het algemeen is het beter om iets lager in te stappen om aan de methode te wennen en faalervaringen te voorkomen. Het eerste boekje kan dan eventueel versneld worden doorgewerkt. Bekijk hier de inhoud van elk werkboek en de bijbehorende handleiding/oefenmap. Zie voor meer informatie: De werkboeken zijn in kleur omdat Taal in Blokjes een fonologische methode is die werkt met vaste kleurafspraken voor klanken. De werkboeken van Taal in Blokjes zijn voor de leerling, en voor zelfstandige verwerking in de klas of thuis (thuis bijvoorbeeld als huiswerk of bij logopedie). De werkboeken 'dienen ook als 'baseline' voor het leren lezen en spellen met Taal in Blokjes. Zie ook Wat is de opbouw van de Taal in Blokjes Werkboeken en Handleidingen? Het instapniveau van Taal in Blokjes is onder andere afhankelijk van het niveau van de leerling met lezen en spellen en van de extra begeleiding die de school (en ouders) de leerling kunnen bieden. Bij lezen kan je uitgaan van het Avi-tekstniveau en het woordleesniveau op de DMT en EMT. Met de Taal in Blokjes Reader software kan je door de klankhulp en de maatregelen voor tekstvereenvoudiging al snel een of twee niveaus hoger gaan zitten dan het geteste leesniveau. Bij de Taal in Blokjes Module software kies je een module op het geschatte niveau van de leerling. Als de oefening te makkelijk blijkt te zijn, ga je een stapje hoger. Als de oefening te moeilijk blijkt te zijn, ga je een stapje lager. Wat is het verschil tussen de Taal in Blokjes reader software en de Taal in Blokjes Module software? Bekijk hier [link naar brochure software als bijlage van het Stappenplan] In het algemeen wordt aangeraden om met de werkboeken van Taal in Blokjes iets makkelijker in te stappen en het eerste werkboek sneller door te werken dan het volgende werkboek. Maak een foutenanalyse van de spelling van testdictees en eigen werk en kijk welk werkboek hier het beste bij past. Zie ook het overzicht bij: ‘Wat is de opbouw van de Taal in Blokjes werkboeken en handleidingen?’ Meer weten? In de workshop Taal in Blokjes leer je onder andere hoe je het instapniveau kan bepalen. Taal in Blokjes heeft:



Elke bladzijde van een werkboek is gekoppeld aan werkvormen en oefeningen van de bijbehorende handleiding. Bladzijde 14 van werkboek 4 correspondeert bijvoorbeeld met bladzijde 14 van handleiding 4: nakijkvoorbeeld en werkvormen en oefeningen onder begeleiding.
De basiswerkvormen –coderen en woorden bouwen met de klankblokken– komen aan bod bij de diverse werkvormen in de werkboeken en handleidingen van Taal in Blokjes. 

Taal in Blokjes is een auditief-visuele methode waarbij vaste kleuren voor klanken worden gebruikt voor de weergave van fonologische structuur van woorden. De kleuren in de werkboeken worden ook gebruikt om de klanken aan te geven bij de voorbeeldwoorden, om regels te verduidelijken en om het onderscheid tussen verschillende soorten oefeningen te verbeteren (dezelfde oefening heeft altijd dezelfde kleur).
Elke bladzijde heeft op klank gekleurde voorbeelden zodat de leerling snel begrijpt wat de bedoeling is en zelfstandig aan de slag kan. Extra instructie kan meestal worden beperkt tot: "kijk naar het voorbeeld". Daardoor kan de instructie van de leerkracht tot een minimum worden beperkt.
Omdat de instructie met de voorbeelden voor zich spreekt, kunnen de werkboeken ook aan ouders worden meegegeven om thuis te oefenen.
Elk werkboek heeft zijn eigen handleiding/oefenmap. De handleiding/oefenmappen zijn voor de leerkracht/begeleider. De handleiding/oefenmappen bevatten nakijkvoorbeelden, uitleg, auditieve opdrachten en extra verdiepende (auditieve) oefeningen. De bladzijdes van de handleiding/oefenmappen zijn gekoppeld aan de bladzijdes van de werkboeken. Meer weten?



De werkboeken zijn cumulatief, de leerstof uit voorgaande werkboeken wordt telkens meegenomen en verdiept in een volgend werkboek. Begin dus niet standaard in werkboek 1 omdat een leerling problemen met de klank-teken koppeling heeft!
De instapniveaus lezen en spellen komen uitgebreid aan bod in de workshop Taal in Blokjes.
De materialen en werkvormen van Taal in Blokjes kunnen individueel, in groepjes en in de klas worden ingezet vanaf 2e helft groep 2 t/m groep 8. Taal in Blokjes is opgebouwd vanuit de woordstructuur en heeft een ‘doorlopende leerlijn’. De indeling in leerjaren is een indicatie. Maatwerk is belangrijk, het niveau van de leerlingen is leidend. Op basis van het niveau van lezen en spellen van de leerlingen wordt een instapniveau bepaald en worden aanpassingen en keuzes gemaakt m.b.t. de materialen en werkvormen.
Over het voorlopertje
Ja dat kan! Zie hiervoor de werkvormen bij ‘Wat kunnen wij in groep 2 en 3 doen met Taal in Blokjes?’ En de informatie over het gebruik van de serie ‘het Voorlopertje’: Zie ook Gebruikt de klank-teken kaartjes en de klankblokken bij het werkboek Voorlopertje. bekijk ook de FAQ-vraag: Welke materialen zijn geschikt voor het leren van de klank-teken koppeling? Je kan ook de werkvormen voor groep 2 en 3 gebruiken uit "het Stappenplan implementatie Taal in Blokjes op school". Het werkboek Voorlopertje Taal in Blokjes is een stap voor stap kennismaking met de letters en de eerste woordjes. Elke letter wordt aangeboden met een kapstokwoord en een plaatje als ondersteuning. In elke opdracht komen alle klanken met de bijbehorende kapstokwoorden en plaatjes weer aan bod. De leerling leert de klank-teken koppeling door letterherkenning, het kapstokwoord, het plaatje, vaste kleuren voor klanken en door het bouwen van woorden met klankblokken. Op deze wijze wordt het leren van de letters op alle mogelijke manieren ondersteund. Door het gebruik van vaste kleurafspraken voor letters wordt de klank-teken koppeling versterkt en worden de letters gelijk ingedeeld in korte klinkers, lange klinkers, twee-teken klinkers en medeklinkers. Daardoor begrijpt de leerling beter hoe woorden in elkaar zitten en leert de leerling letters samenvoegen tot woorden. Ga na dit werkboek verder met de werkboeken Taal in Blokjes. Het werkboek Voorlopertje Taal in Blokjes kan los of in combinatie met een taalmethode worden aangeboden, bijvoorbeeld bij 'risicoleerlingen' in de 2e helft van groep 2 (voorschotbenadering), bij leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben in groep 3, bij leerlingen met een TOS en bij NT-2 leerlingen. Het werkboek Voorlopertje maakt deel uit van de serie het Voorlopertje met bijbehorende klank-teken kaartjes, letterlijn en een poster. Ga hiervoor naar het voorlopertje pakket Bekijk ook: Tips voor gebruik: hoe is het werkboek Voorlopertje Taal in Blokjes opgebouwd? De serie het Voorlopertje bestaat uit een werkboekje, een poster, klank-teken kaartjes en een letterlijn. Voor wie is het werkboek Voorlopertje? Hoe is het werkboek Voorlopertje opgezet? De werkboeken van Taal in Blokjes zijn voor zelfstandige verwerking. Gebruik na het werkboek Voorlopertje werkboek 1 en 2 van Taal in Blokjes met de bijbehorende handleiding/oefenmap voor de begeleiding en de extra (auditieve) oefeningen. Het werkboekje Voorlopertje kan meer of minder intensief worden aangeboden afhankelijk van het leerdoel. In het werkboekje wordt geoefend met de de kennismaking en herkenning van de verschillende soorten letters (klanken) in woorden van de basis klankkaart. De leerling krijgt zo een overzicht van "het taalgereedschap". Dit is de basis voor het verdiepen van de verschillende letters met extra oefeningen. Een volledige letterkennis is niet vereist om met het boekje te beginnen. Laagdrempelig kan er -bijvoorbeeld in de 2e helft van groep 2- aan een kennismaking met de letters worden gewerkt, aan de klank-teken koppeling en aan het overzicht van klinkers en medeklinkers. Naast het werkboekje kunnen telkens een paar letters(klanken) uitgelicht en extra geoefend worden met aanvullende werkvormen. Instructie: elke opdracht bevat een kleurenvoorbeeld dat precies laat zien wat de leerlingen moeten doen. Daarmee kunnen Werkboek Voorlopertje meer of minder intensief aanbieden? Van de auteur: "ik vind dat leerlingen een eenvoudige complete set letters moeten hebben om mee te werken en om te begrijpen hoe taal Voorbeelden van gebruik Groep 3 die vastlopen met de reguliere methode (bijv. VLL) en waarbij werkboek 1 van Taal in Blokjes nog te moeilijk is en/of Het werkboekje Voorlopertje kan met instructie ook meegegeven worden aan ouders geven als huiswerk of om in de vakantie te oefenen (om te voorkomen dat alle letters na de vakantie "weggezakt"zijn). Ervaringen van een leerkracht met het Voorlopertje. In groep 3 hebben we het werkboek aan de kinderen gegeven die nog moeite hadden met de leesontwikkeling. Het is een mooie aanvulling op ons remediërend materiaal. Ook worden de kinderen zich nogmaals bewust van de kleuren die bij de klanken horen. Hierna gaan we verder met werkboek 1 van Taal in Blokjes naast Veilig Leren Lezen. Zie ook Gebruikt de klank-teken kaartjes en de klankblokken bij het werkboek Voorlopertje. bekijk ook de FAQ-vraag: Welke materialen zijn geschikt voor het leren van de klank-teken koppeling? Je kan ook de werkvormen voor groep 2 en 3 gebruiken uit "het Stappenplan implementatie Taal in Blokjes op school".

In de tweede helft van groep 2 (en 3) kan je werken met de serie van het Voorlopertje
Hang in een poster van de klanken van het Voorlopertje op in de klas en gebruik de letterlijn (en dek de klanken af die nog niet zijn besproken).
Oefen de klank-teken koppeling in de klas met Klankenbingo. Met klankenbingo kunnen leerlingen in de klas of in een groepje met elkaar, op een speelse en intensieve manier, oefenen met de klank-teken koppeling en de eerste woordjes. Gebruik klankenbingo bijvoorbeeld bij het Voorlopertje Taal in Blokjes en bij de werkboeken van Taal in Blokjes deel 1, 2 en 3.

Met dit werkboek kan de leerling op een aantrekkelijke manier zelfstandig oefenen met alle basisletters en de eerste woorden. Het zelf schrijven van letters mag maar is niet noodzakelijk.
Het Voorlopertje wordt gebruikt in groep 2 en groep 3 basisonderwijs, bij kinderen met een TOS en binnen het speciaal onderwijs.
- voor leerlingen in de 2e helft van groep 2
- voor leerlingen in groep 2 die al heel veel willen weten over letters en extra willen oefenen
- voor leerlingen aan het begin groep 3, bijvoorbeeld bij gesignaleerde 'risico' leerlingen
- voor leerlingen in groep 3 die uitvallen bij de wintersignalering
- voor leerlingen die vastlopen met de reguliere taalmethode in groep 3 en waarbij werkboek 1 nog te lastig is
- voor leerlingen die heel veel herhaling extra oefenmateriaal nodig hebben om de beginselen van de schriftelijke taal te leren.
- voor leerlingen met een TOS
- voor anderstaligen die beginnen met het leren van het Nederlands.
Het Voorlopertje wordt gebruikt vóór werkboek 1.
de meeste leerlingen zelfstandig de opdrachten maken, ook van "moeilijke"letters of van letters die nog niet "officieel" zijn aangeboden.
Gaandeweg kunnen bepaalde letters (klanken) uitgelicht en benadrukt worden.De rest van de letterset 'hobbelt' rustig mee op een lager pitje.
Het Voorlopertje wordt meer of minder intensief aangeboden, afhankelijk van het leerdoel en de mogelijkheden.
In groep 2 kan het Voorlopertje bijvoorbeeld worden gebruikt als kennismaking met alle (eenvoudige) letters. Het werkboek is een soort 'baseline' waarbij telkens een paar letters worden uitgelicht voor intensieve (auditieve) oefeningen zoals woorden hakken en plakken, blokjes op de juiste klanken leggen, kleine woordjes bouwen met de blokjes, klanken sorteren etc.)
in elkaar zit. Anders ontbreekt het overzicht en kan het aantal letters oneindig lijken. Alle letters van het meest eenvoudige klankenbord (TIB 1 +2) worden in het werkboekje tegelijk "in de week gezet" . Ter kennisgeving staan de overige letters aan het einde van het boekje (sch, ng, nk, aai, ooi, oei etc.). De leerkracht kan vervolgens -afhankelijk van de op school gevolgde methode- dié letters benadrukken met extra oefeningen en met herhaling die binnen de les aan de orde komen."
Minder intensief:
zelfstandig in de klas of thuis in het boekje werken en klank-teken koppeling oefenen met de bijbehorende klank-teken kaartjes.
Meer intensief: zelfstandig in de klas in het boekje werken, extra oefenen met bepaalde klanken, klank-teken koppeling oefenen met de bijbehorende klank-teken kaartjes, woorden bouwen met de klankblokken, woorden hardop lezen, woorden hakken en plakken, springpleinen, klanken sorteren, klankenbingo, woorden uit het boekje overschrijven of opschrijven (eerst visueel dictee daarna auditief dictee).

Begin gelijk in groep 3 bij de risicoleerlingen van groep 2. Verder na de wintersignalering in groep 3 bij de leerlingen
bij leerlingen die heel veel herhaling extra oefenmateriaal nodig hebben om de beginselen van de schriftelijke taal te leren.
Ga na het Voorlopertje door met het werkboek 1 van Taal in Blokjes en met werkboek 2 (stof t/m kern 6 van VLL
maar dan veel langzamer opgebouwd).
Probeer bij de leerlingen die vastgelopen zijn om weer aansluiting te vinden bij VLL.
Met groep 2 en 3 ben ik de afgelopen periode met het Voorlopertje bezig geweest.
In groep 2 heb ik het werkboekje met extra hulp aangeboden aan een paar leerlingen waarvan ik dacht dat zij het heel moeilijk zouden krijgen met het leren van de letters in groep 3. Ook heb ik het werkboekje aangeboden aan een aantal kinderen die al toe zijn
aan geletterdheid. Deze kinderen lopen al best zelfstandig het boekje door. Dit gaat ze goed af. Ze zijn erg nieuwsgierig en werken met veel plezier in het werkboekje. Voor de kinderen die nog wat moeite hebben is het herkennen van de letters met de bijbehorende kleuren vaak nog een zoekopdracht: welke kleur heeft deze letter?
Ze zoeken de letter op de letterkaart. Dan benoem ik de klank. Ik vraag dan bijvoorbeeld of deze lang of kort klinkt.
Als ze eenmaal weten hoe de opdrachten gemaakt kunnen worden lopen ze hier snel en goed doorheen.
Ik hoop dat ze door extra oefening en de stevige basis na de Kerst gewoon mee kunnen komen met Veilig Leren Lezen.
In de tweede helft van groep 2 (en 3) kan je werken met de serie van het Voorlopertje
Hang in een poster van de klanken van het Voorlopertje op in de klas en gebruik de letterlijn (en dek de klanken af die nog niet zijn besproken).
Oefen de klank-teken koppeling in de klas met Klankenbingo. Met klankenbingo kunnen leerlingen in de klas of in een groepje met elkaar, op een speelse en intensieve manier, oefenen met de klank-teken koppeling en de eerste woordjes. Gebruik klankenbingo bijvoorbeeld bij het Voorlopertje Taal in Blokjes en bij de werkboeken van Taal in Blokjes deel 1, 2 en 3.

