Taal in Blokjes op Ondersteuningsniveau 1


Ondersteuningsniveau 1 is goed lees- en spellingonderwijs in klassenverband. Taal in Blokjes kan hierbij ondersteunen.

Je kan Taal in Blokjes in de klas inzetten naast de gebruikte taalmethode. Bijvoorbeeld bij leerlingen die extra ondersteuning en oefening nodig hebben bij  lezen en spellen. Taal in Blokjes is methode onafhankelijk en kan naast elke taalmethode worden gebruikt. Veel werkvormen kunnen goed gecombineerd worden met je taalmethode en de werkvormen zijn multi-sensorieel: taal leren door horen, zien en doen.

Hieronder staat een basisopzet voor ON1 die je als uitgangspunt kan nemen. Deze basisopzet kan je combineren met andere materialen, software en werkvormen van Taal in Blokjes die passen bij jouw doelstellingen en specifieke situatie. Kijk hiervoor bij Werkvormen met Taal in Blokjes en bij Basisopzet materialen en werkvormen.

Je kan de basiswerkvormen van Taal in Blokjes bij je eigen taalmethode gebruiken.

Taal in Blokjes voegt een fonologische codering toe aan je taalmethode en gebruikt daarvoor een vaste kleurcode voor de soorten klanken. Zo laat Taal in Blokjes zien hoe de woorden in elkaar zitten.

Taal in Blokjes heeft veel multi-sensoriële en interactieve werkvormen: taal leren door horen, zien voelen en doen.

Denk bij de basiswerkvormen aan woorden in klanken coderen met gekleurde fluormarkers en aan woorden bouwen met de klankblokken.

Met Taal in Blokjes kunnen de leerlingen in groepjes werken, elkaar helpen en samen nakijken. Denk hiervoor bijvoorbeeld aan het maken van blokwoorden en aan de lees- en woordstructuur kwartetten. De werkvormen van Taal in Blokjes voor lezen ondersteunen de spelling en andersom.

Ook kan je met Taal in Blokjes woorden lezen en uitleggen op het digibord.

Met enkele aanpassingen zijn de werkvormen van bovenstaande link ook zonder het digibord te gebruiken in de klas.

Oefen de basisvaardigheden

1. Woorden op klank coderen met markers

Het coderen van klanken in woorden en zinnen is een (voorbereidende) leesoefening. Het coderen wordt ook gebruikt om te leren welke kleuren voor de klanken (letters) worden gebruikt (‘kleur klank-teken koppeling’).  De woorden en teksten die je in de klas gebruikt, kan je ook in de kleuren voor klanken van Taal in Blokjes laten coderen.

De leerlingen coderen de klanken en lezen het woord hardop. Doordat de klanken vaste kleurafspraken hebben, is de weg naar de klank korter bij het lezen. Het decoderen verloopt makkelijker.  Ook ziet de leerling sneller de woordstukjes in langere woorden omdat elk woordstukje één klinker heeft. Kleuren voor klanken maakt lezen makkelijker, ook bij langere woorden.

Gebruik klankblokken en fluormarkers voor de basiswerkvormen lezen en spellen van Taal in Blokjes.

Je kan daarbij ook de klank-teken kaartjes en de werkboeken van Taal in Blokjes in de klas gebruiken. 

2. Woorden bouwen met de klankblokken

Hiermee wordt de spelling geoefend. Woorden coderen en bouwen met de kleuren van Taal in Blokjes gaan hand in hand.
De klanken in woorden worden zichtbaar met kleuren en voelbaar met de klankblokken.

Eerst bouwen de leerlingen de woorden met de klankblokken en daarna schrijven zij de woorden op. Dit kan ook in groepjes: leerlingen helpen elkaar, kijken samen na en schrijven het woord op.

Taal in Blokjes geeft de klanken een kleur en stimuleert het fonologisch bewustzijn. Woordstructuren en klankregels bij lezen èn spellen worden expliciet  aangeboden.

3. Gebruik Taal in Blokjes bij je taalmethode

Hieronder zie je een paar voorbeelden van hoe je Taal in Blokjes kan combineren met een taalmethode, bijvoorbeeld bij Veilig Leren Lezen of Taal Actief.

Voor de combinatie met andere methodes bijvoorbeeld Staal en Taaljacht kan je de FAQ-vragen over dit onderwerp bekijken.

Oefen het lezen 

4. Oefen het lezen met de woorden en verhaaltjes van je taalmethode

Het coderen versterkt de klank-teken koppeling en stimuleert het fonologisch bewustzijn.
Voor het coderen kan je woorden en verhaaltjes uit het werkboek van je taalmethode gebruiken of werkbladen ingedeeld op leesniveau. Een groter lettertype is handig bij het coderen, gebruik daarom een groot lettertype je zelf oefenbladen maakt, bijvoorbeeld Arial 16. De leerlingen coderen de klanken in woorden met de kleuren van Taal in Blokjes en lezen de gecodeerde woorden (en teksten) hardop.

 

Hardop lezen is belangrijk na het coderen! 

Bij hardop lezen worden de gecodeerde klanken samengevoegd tot woorden. Afhankelijk van de doelstelling kan herhaald lezen van gecodeerde teksten zinvol zijn, vooral bij de lagere leesniveaus.

Je kan je leerling woorden en teksten laten coderen uit een verhaal en uit het werkboek van je taalmethode. Je kan ook woordrijtjes laten coderen uit een woordpakket of een woordenlijst op categorie (maak dan een woordselectie).

Voor uitleg over het op klank coderen van woorden ga naar Basiswerkvorm lezen: tekst op klank coderen en hardop lezen.

Gebruik fluormarkers voor het coderen!

Gebruik voor het coderen fluormarkers in de juiste kleuren. Fluormarkers dekken de letters niet af maar accentueren deze juist . Gebruik geen kleurpotloden of viltstiften, deze dekken de letters af.

Laat je leerlingen bij het coderen niet bij elke letter de dop op de stiften doen! Voor snel en efficiënt coderen zie de onderstaande FAQ vragen.


5. Oefen het lezen met de Taal in Blokjes Reader software op het digibord

Je kan de Taal in Blokjes Reader software gebruiken op een tablet of op het digibord voor opdrachten met lezen én spellen.

Laat leerlingen oefenen met lezen  m.b.v. de Taal in Blokjes Reader software op het digibord. Bijvoorbeeld met de methodiek van voor-koor-zelf lezen.

Onderzoek laat zien dat de meeste leerlingen pas goede lezers worden als ze een goede leesinstructie krijgen waarbij er systematisch aandacht is voor de letter-klankkoppeling (Snow e.a. 1998). De fonologische codering van Taal in Blokjes met vaste kleuren voor klanken helpt hierbij.

Bij spelling kan je bijvoorbeeld een woorden met de regels voor de lange en de korte klinkers in de Reader software plaatsen en (automatisch) laten coderen. Leg vervolgens de regels voor de lange en de korte klinkers met de op klank gecodeerde woorden op het digibord.

 

6. Oefen het lezen met de Taal in Blokjes Reader software in groepjes

Het maken van leeskilometers is belangrijk. Je leerlingen kunnen ook zelf oefenen met lezen met de Taal in Blokjes Reader, bijvoorbeeld op een tablet in groepjes.  Met de Taal in Blokjes Reader software kunnen je leerlingen extra oefenen met het lezen van op klank gecodeerde verhalen om hun leesvaardigheid te verbeteren.

Hieronder zie je voorbeelden van twee leesniveaus en een video dat laat zien hoe je moeilijke verhalen makkelijker maakt.

 

Je kan verhalen klaarzetten uit de bibliotheek op elk leesniveau en de vorderingen monitoren.

De Taal in Blokjes Reader software heeft een uitgebreide bibliotheek met verhalen maar je kan ook zelf teksten en woordenlijsten invoegen.

Deze worden automatisch in de kleuren voor klanken van Taal in Blokjes gecodeerd.

Ook kan je een foto of afbeelding bij je verhaal invoegen.

 

Bekijk de video hieronder: lezen in een groepje met de Reader op de tablet. 

Meer weten over de Taal in Blokjes reader software en over de mogelijkheden voor lezen (en spellen)? Ga naar de Reader software en bekijk ook het behandelplan en hoe de Reader op het digibord gebruikt kan worden.

Oefen de spelling

Gebruik de klanblokken (en de springpleinen) bij het leren van de spelling. De leerlingen bouwen de woorden van de taalmethode eerst met de klankblokken van Taal in Blokjes. Zij vergelijken de blokwoorden met elkaar en helpen elkaar met verbeteren.  Daarna schrijven zij de woorden op.

7. Woorden bouwen met de klankblokken en opschrijven (auditief dictee)

Kies een aantal woorden uit om mee te oefenen. Zeg telkens een woord. Laat leerlingen het woord bouwen met de klankblokken, deze woorden met elkaar vergelijken en nakijken. Geef daarna een auditief dictee met deze woorden.

Je kan de codeeropdrachten en/of de Springpleinen van Taal in Blokjes ook als voorbereiding vóór de spelling gebruiken. Zo bouw je een extra tussenstap in om tot een goed resultaat te komen.

stap 1: woord coderen met de fluormarkers en/of woord op klank analyseren met de Springpleinen
stap 2: woord bouwen met de klankblokken
stap 3: woord opschrijven

Het nadenken over de spelling en het correct schrijven van woorden wordt op deze wijze gestimuleerd. Zo begrijpen de leerlingen hoe woorden in elkaar zitten vóórdat zij de woorden opschrijven.  Eerst denken en dan doen. 

Spelling met blokwoorden: eerst het woord bouwen en dan opschrijven!

8. Woorden bouwen met het Blokwoordenboek in groepjes

Leerlingen kunnen  zelfstandig of in een groepje werken aan de spelling met Taal in Blokjes. Bijvoorbeeld met ons Blokwoordenboek.

Eén leerling leest een woord uit het Blokwoordenboek hardop, de andere leerlingen bouwen het woord met de klankblokken. Samen kijken zij de blokwoorden na en schrijven zij het woord op.

Daarna leest een andere leerling een woord. Zo kan je ook ook lezen en spellen combineren.

Bekijk de video over het bouwen van blokwoorden in een groepje hieronder.

Voor uitleg over het maken van blokwoorden ga naar: Basiswerkvorm spellen: woorden bouwen met klankblokken en opschrijven. Zie ook onderstaande FAQ vraag:

9. Oefen het spellen met de Taal in Blokjes Reader software op het digibord

Je kan je eigen teksten en woordenlijsten invoegen in de Taal in Blokjes Reader software en de spelling op het digibord bespreken. De klanken worden in de Reader automatisch in de kleuren van Taal in Blokjes gecodeerd.

Je kan bijvoorbeeld woordenlijsten invoegen in de Reader met een een bepaalde spellingsmoeilijkheid. Of een selectie uit woordpakketten of categorielijsten uit je taalmethode. Bespreek de spelling van deze woorden.

Oefen het spellen met de Taal in Blokjes Reader software op het digibord

Leg de spelling en de spellingregels uit op het digibord als voorbereiding op het schrijven van deze woorden.

Volg het stappenplan hieronder.
Stap 1: woorden hardop lezen
Stap 2: woorden bespreken
Stap 3: woorden bouwen met de klankblokken
Stap 4: woorden opschrijven

Materialen en software voor Ondersteuningsniveau 1

Hieronder staat een basisopzet met materialen voor Ondersteuningsniveau 1. Je kan deze opzet zelf aanvullen met andere materialen en werkvormen van Taal in Blokjes. Kijk hiervoor ook naar Basisopzet materialen en werkvormen.

Veel materialen en werkvormen kunnen op elk vaardigheidsniveau van een leerling worden ingezet omdat je zelf de woorden kiest waarmee je gaat oefenen.

Voorbeelden hiervan zijn: de klankblokken, de springpleinen, de klank-teken kaartjes, het blokwoordenboek (woorden ingedeeld op het niveau van alle werkboeken), bordspellen (opdrachten per niveau).

Materialen die aangepast moeten worden aan het vaardigheidsniveau lezen en spellen van de leerling(en) zijn:

  1. de werkboeken en
  2. de lees- en woordstructuur kwartetten.

Bij de werkboeken hebben we een handig overzicht waar in staat wat (voornamelijk) in een werkboek aan bod komt. Aan de hand van het lees- en spellingsniveau van de leerling kan je het instapmoment bij de werkboeken kiezen.

Tip 1: kies één niveau lager dan waar de leerling op vastloopt en laat dit werkboek versneld doorwerken in de klas (en ook thuis indien mogelijk).Tip 2: begin niet in werkboek 6 (alle stomme klinkers) bij een leerling die moeite heeft met de stomme klinkers, stap een werkboek lager in.Tip 3: Heb je een of meer werkboeken gekozen? Dan kan je heel handig de bijbehorende kwartetten erbij zoeken. De niveaus van de kwartetten zijn gekoppeld aan de werkboeken. Ga naar het kwartettenoverzicht en kijk bij de kwartetten welke werkboeken erbij staan. NB De kwartetten met ij/ei en ou/au zijn voor alle werkboeken geschikt.

Bekijk onderstaande links voor meer informatie over hoe de materialen ingezet kunnen worden. Voor het bestellen, zie hieronder.

Bij Werkvormen met Taal in Blokjes vind je aanvullende materialen en werkvormen.

Benieuwd wat je met Taal in Blokjes in groep 2 en in (de eerste helft van) groep 3 kan doen? Bekijk dan de serie het Voorlopertje voor de voorschotbenadering en de werkvormen voor de basisvaardigheden.

Voorschotbenadering groep 2

 

Bestellen

Meer weten?

Op deze pagina